Home / Actueel / Uncategorized / “De natuur kan niet zonder de boeren!”

“De natuur kan niet zonder de boeren!”

Landcare Europe bijeenkomst in Roemenië

“De natuur kan niet zonder de boeren!” Een opvallende uitspraak, zeker in de huidige periodes waarin stikstofdiscussies de boventoon voeren. Op het platteland van Roemenië is dit de huidige realiteit. Wouter Hakkeling, adviseur bij BoerenNatuur, bezocht een veldbijeenkomst in Transsylvanië in Roemenië voor het project Landcare Europe waar BoerenNatuur partner van is. Project Landcare Europe delen acht Europese organisaties kennis over landbouw, natuurbehoud, biodiversiteit, veerkrachtige ecosystemen en de levenskwaliteit in de Europese cultuur en erfgoedlandschappen. BoerenNatuur probeert zo het agrarisch natuur- en landschapsbeheer zoveel mogelijk in andere Europese landen te verspreiden.

Tijdens de bijeenkomst werden eeuwenoude dorpen bezocht. Een heuvelachtige gebied met brede dalen en kleine langgerekte dorpjes waar de boerengeschiedenis ver terug gaat. Beboste gebieden werden ontgonnen en waar ooit beukenbomen groeiden ontstonden kleine boerenbedrijfjes. Met een langgerekt perceel direct achter het huis de berghelling op. Achter het huis stond de stal en het kippenhok, daarachter een akker en daarna grasland. Hoog op heuvel waren de gezamenlijke gras- en hooilanden te vinden van het dorp waarin iedere bewoner zijn deel had. De graslanden werden extensief beweid en op de hoger gelegen gronden zwierven de kuddes rond. Door dit extensieve beheer ontstonden kruidenrijke gras- en hooilanden waarop nu op sommige plekken 84 plantensoorten per 16m2 worden gevonden. Maar door de leegloop op het Roemeense plattenland verdwijnen de boeren en hun vee, langzaamaan worden de rijke vegetaties overgenomen door soortenarme dennenbossen. Via allerlei projecten probeert men nu het platteland leefbaarder te maken. Daarnaast werken ze aan het opzetten van korte ketens om regionale producten die op een verantwoorde wijze zijn geproduceerd op de markt te brengen zodat de boer een eerlijke prijs krijgt en het landschap in stand kan blijven.

Op plek twee was de aanwezigheid van boeren essentieel voor de ontwikkeling van een rijke biodiversiteit. Een plek waar eeuwenoude eiken trots over het kruidenrijk grasland uitkeken. Een plek waar van oudsher schaapskuddes graasden en de eikels werden geraapt als voer voor de varkens. Door deze begrazing ontstond een half open landschap waarin kruiden zich goed konden ontwikkelen. Door de combinatie van dit grasland en opgaande begroeiing was het ook een geliefd habitat voor insecten, vogels en andere beesten. Een aantal jaar geleden zijn veel van deze plekken aangewezen als natuurgebied. Door strenge regelgeving verdwenen de herders met hun kuddes. Hierdoor verscheen er veel opschot van jonge boompjes en verdwenen de kruiden en dus ook de fauna. Natuurorganisaties kregen deze ontwikkeling in de gaten en zijn een project gestart om de kuddes weer terug te krijgen in de “nieuwe” natuurgebieden om op deze manier het kruidenrijk grasland en zijn fauna weer te terug te brengen.

Leg je dit terug naar Nederlandse landschap; dit is wat het ANLb doet in ons boerenlandschap. De weidevogels hebben een nat en kaal landschap nodig, puttertjes en geelgorsen leven in de bosjes en struiken tussen de akkers en weilanden en insecten leven op en in kruidenrijk grasland. Boeren en collectieven zetten zich in om dit zo goed mogelijk te ontwikkelen en te beheren. Zo heeft elk land zijn eigen route naar het behouden en bevorderen van de biodiversiteit in de landschap samen met boeren.

29 augustus 2022
Deel dit bericht
Geplaatst in: